Goden en helden op reis

Goden en helden op reis

Niet alleen de moderne mens reist graag, ook de Oudnoordse mythologie en de saga’s barsten van de reisverhalen. In de saga’s is de belangrijkste en verste reis de reis die Leif Eriksson naar Amerika heeft gemaakt. Dat zal zo rond het jaar 1000 zijn geweest. Zoals in de saga’s ‘Eiríks saga rauða’ en de ‘Grænlendinga saga’ vermeld staat, raakte een koopman na de ontdekking van Groenland in stormachtig weer van zijn koers af en bereikte zo de Amerikaanse oostkust. Hij vertelde Leif Eriksson over zijn ontdekking waarna Leif naar deze gebieden reisde. Omdat hij de winter niet in dit nieuwe land wilde doorbrengen, keerde hij zonder een voet aan wal te zetten terug naar Groenland. Hij had wel gezien dat er veel bossen op dit nieuwe land waren. In Groenland was hout een schaars goed, het nieuwe land werd dus met gejuich ontvangen. Toen Leif Eriksson later uiteindelijk met een groepje mensen aan wal ging, ontdekten ze dat het gebied een heerlijk zacht klimaat had. Er groeiden volop druiven, er waren weidse grasvlaktes, bossen met genoeg wilde dieren en rivieren vol met gigantische zalmen. Vanwege de vele druiven noemde Leif het land ‘Wijnland’. Doordat ze de oorspronkelijke bewoners probeerden uit te buiten, bleven ze uiteindelijk niet lang. De indianen kwamen in opstand tegen de Vikingen en verdreven ze van het continent.

De goden gingen ook graag op pad. Odin reisde graag om kennis te vergaren, maar andere goden, met name Thor, moesten vaak op reis om problemen die Loki had veroorzaakt op te lossen. Bijvoorbeeld in het verhaal over de dood van de reus Geirrød, een aartsvijand van Thor. Als Loki op een dag verkleed als valk rondvliegt in het rijk van Geirrød, wordt hij gevangen genomen door de reus. Nadat hij opgebiecht heeft wie hij is, eist Geirrød dat Loki ervoor zorgt dat Thor naar zijn rijk komt zonder zijn bekende hamer, ijzeren handschoenen en krachtgordel. Loki haalt Thor over en onderweg naar de reus overnachten ze bij een reuzin die vertelt hoe kwaadaardig en listig Geirrød is. Zij leent hun dan haar eigen hamer, handschoenen en krachtgordel. Bij Geirrød aangekomen moet Thor zijn krachten met hem meten. Geirrød gooit een gloeiende sintel naar Thor, maar met de ijzeren handschoen van de reuzin weet hij die te vangen en terug te gooien. De reus springt achter een ijzeren zuil, maar de sintel boort zich dwars door de zuil en de reus heen de grond in.

In de ‘Gylfaginning’ reist Thor wederom samen met Loki, nu naar het rijk van de reus Utgarda Loki. Aan het eind van een lange dag vinden ze een schuur om te overnachten. De boer en zijn familie hebben te weinig eten om iedereen te voeden. Thor biedt aan zijn twee bokken te slachten, als iedereen maar belooft om de botten heel te laten en in het vel terug te leggen. Loki fluistert de zoon van de boer in om toch een bot doormidden te breken en het merg eruit te zuigen. Als Thor de volgende ochtend zijn bokken met een klap van zijn hamer weer tot leven wekt, merkt hij dat een van de dieren lam is. Ter compensatie wordt boerenzoon Thjalfi Thors dienaar en reist met hen mee.

Een halve dag later arriveren ze bij het kasteel. Ze krijgen de poort, een hekwerk, niet open maar weten zich tussen de spijlen door te wringen. Eenmaal binnen lopen ze meteen naar de hal waar de reus een feest houdt voor zijn onderdanen. Als hij de reizigers ziet, zegt hij dat ze pas van zijn gastvrijheid mogen genieten als ze zichzelf hebben bewezen. Een paar moeilijke wedstrijden volgen, de goden winnen ze geen van alle. De volgende dag vraagt Utgarda Loki wat Thor van het bezoek vindt. Thor geeft aan dat hij zich onteerd voelt. Utgarda Loki onthult dan dat alles wat ze beleefd hebben tijdens hun reis en de hele wedstrijd in de burcht een zinsbegoocheling is geweest. Loki heeft een eetwedstrijd gehouden tegen het vuur (‘Logi’), Thjalfi liep hard met de geest (‘Hugi’) van de reus en Thor dronk uit een drinkhoorn waarvan het einde in zee stak, hij probeerde een kat op te tillen die in werkelijkheid de Midgardslang was en hij vocht tegen de ouderdom (‘Elli’). Utgarda Loki bekent onder de indruk te zijn van Thors kracht. Thor is woedend en heft zijn hamer op om de reus te slaan, maar dan blijken reus en burcht ineens verdwenen te zijn en gefrustreerd keert Thor huiswaarts, een onaangename reiservaring rijker.

Has Hnefatafl been introduced in Ireland?

Considering the extensive and intense contact between the Vikings and the people of the British Isles, it is not unlikely that some form of the Old Norse hnefatafl game has been introduced in Ireland. As we’ve seen in my previous post, fidchell seems an unlikely candidate. In the case of Brandub, which means ‘raven black’, however, we do find evidence that it might be a variant of a tafl game.

Extensive evidence concerning hnefatafl can be found in a riddle contest in the Hervarar Saga. The saga has been preserved in six different manuscripts representing three strikingly different versions of the saga. The riddle episode combines riddles in verse with the solutions entirely in prose. According to Turville-Petre the riddles did not all come into existence at the same time as the story of the contest, he argues that the writer who composed the scene collected riddles that were circulating in verse before that time (Turville-Petre 1956: xiv).

Combining four different manuscripts – one from the 14th century called Hauksbók, one from the early 15th century (referred to as R and believed to be the most traditional), two older paper manuscripts from the 17th century (presumably indirect copies of Hauksbók) and a highly corrupt mid-seventeenth century manuscript referred to as U – the entire riddle episode can be recreated (Turville-Petre 1956: xvii-xviii).

The two riddles concerning hnefatafl contain the following information:

(56) Hverjar eru þaer brúðir, er um sinn drottin vápnlausan vega; inar jarpari hlífa um alla daga, en inar fegri fara? Heiðrekr konungr, hyggðu at gátu.

“(…) þat er hnettafl; inar dekkri verja hnefann, en hvítar sækja” (op. cit.: 43).

What women are they, warring together, before their weaponless king, day after day,  the dark guard him, but the fair go forth to attack? King Heiðrekr, solve this riddle!

“(…) this is hnefatafl, the darker ones defend the hnefi, but the white ones attack”.

(59) Hvat er þat dýrja, er drepr fé manna ok er járni kringt útan; horn hefir átta, en höfuð ekki, ok fylgja því margir mjök? (…) .

“Þat er húnn í hnettafli” (op. Cit.: 44-45).

What is that creature that kills men’s flocks and with iron all about it is bound; eight its horns are but head it has none: there are many that move at its side? (…)

“That is the húnn in hnefatafl.

Hauksbók adds to the solution of the second riddle: ‘It has the same name as a bear; it runs as soon as it is thrown.’ The word húnn apparently had two meanings, which is played upon here: ‘bear’s cub’ and possibly ‘die’ or a special piece in the game. The word horn could mean both ‘horn’ and ‘angle’ possibly describing specific places on the board (Tolkien 1960: 38-39, 88-89).

Tolkien also notes that different versions in different manuscripts differ in words and meaning concerning the sentence above (56). Hauksbók and U have vápnlausar meaning the maidens were weaponless instead of killing their weaponless king (Tolkien 1960: 36-38). Here I have used Turville-Petre’s transcription who consistently uses the R-manuscript where possible.

The answers to these riddles pose the question whether a die was used in hnefatafl or if two different games are mentioned in these riddles, which are both referred to as hnefatafl. The word húnn could possibly also simply refer to a specific, special, piece used in the game.

Looking closer at the evidence about brandub, we find an Irish poem from Acallam na Senorach mentioning brandub. This is a late Middle Irish text dated around the end of the twelfth century (Dillon 1970: ix). The poem mentions: “my famed brandub is in the mountain above Leitir Bhroin, five voiceless men of white silver and eight of red gold” (Stokes 1900: i ll. 3949-50). This shows that brandub was probably played with unequal amounts of pieces on either side and a king-piece.

Another poem, Abair riom a Éire ógh attributed to Maoil Eóin Mac Raith, gives another description. Taking into account the meter, language and style, this poem seems to belong to the court poetry from 1200-1640.

A golden branán with his band art thou with thy four provincials; thou, O king of Bregia, on yonder square and a man each side of thee.

The branán plays an important role in this game, as it is made of gold. The word branán  is a common epithet for chief.

Summarizing the evidence, we now know that brandub was played with one branán  and four ‘provincials’ on one side, these are the five white men mentioned in the Acallam na Senorach  poem, and eight red men on the other side. This is consistent with the tafl games.

Archeological evidence might tell us something about the origin of these games and whether they were introduced by the vikings.

In 1932 the Ballinderry gameboard was found. Research shows that this board was manufactured in Dublin and it dates from the 10th century. The board dates to the tenth century. As Dublin was founded by Vikings, the board’s origin implies that it is a Viking artefact. The board was however found in a crannog in Ballinderry. This shows that the board was used by native Irish people.

It is not entirely certain what game was played using this board, brandub is one of the possibilities. MacWhite points out that Brandub would fit perfectly on the Ballinderry board. He proposes that the men should be placed in the shape of an orthogonal cross. The corner cells could then be marked to indicate that men placed here would be safe from capture. In hnefatafl a piece is captured by surrounding it on two opposite sides. Therefore a piece standing in the corner could not be captured (MacWhite 1946: 34).

If brandub was indeed played on the Ballinderry gaming board, it would prove that the Vikings took their games to Ireland and introduced them to the Irish people. Considering the layout of the board, it seems very likely.

Baldr

Baldr

Baldr is de zoon van Odin en Frigg. Hij is getrouwd met Nanna en woont in Breidablik, wat zoveel betekent als ‘wijds uitzicht’. Over Baldr wordt altijd met veel lof gesproken, hij is de meest geliefde god. Van Baldr wordt in ‘Gylfaginning’ gezegd dat hij zo mooi is dat hij straalt. Het plantje Baldrs brá (Matricaria maritima, een kamillesoort) is zo wit dat hij zijn naam dankt aan de vergelijking met Baldr’s wimpers. Er zijn weinig verhalen over Baldr bekend, maar als hij genoemd wordt is dat altijd uitzonderlijk positief. De enige mythe met Baldr als hoofdpersoon gaat over zijn dood, dit is dan wel weer een van de bekendste Scandinavische mythen.

Volgens deze mythe heeft Baldr een reeks voorspellende dromen waarin zijn leven bedreigd wordt. Als hij de andere Asen over zijn dromen vertelt, besluiten zij dit te voorkomen door alle wezens op de hele wereld een eed te laten afleggen waarin zij beloven Baldr geen kwaad te doen zodat hij tegen al het kwaad beschermd is. Niet alleen mensen, dieren en planten leggen de eed af, ook metaal, stenen, de aarde, gifsoorten, eigenlijk alles wat mogelijk een bedreiging voor Baldrs leven kan vormen, moeten beloven hem geen kwaad te doen. Zodra bekend is dat alles en iedereen de eed heeft afgelegd, hebben Asen er plezier in om op Baldr te schieten en hem te slaan. Baldr komt overal ongeschonden uit en alle goden zijn onder de indruk en blij dat hun geliefde god deze bescherming heeft.

Ook in dit verhaal speelt onruststoker Loki een grote rol. Loki kan het niet verdragen dat Baldr onschendbaar is en wil weten of Baldr geen enkele zwakke plek heeft. Hij verkleedt zich als vrouw en zoekt Frigg op. Loki vertelt Frigg dat de Asen Baldr aan het beschieten en stenigen zijn, maar dat niets hem schijnt te deren. Frigg bevestigt dat elk wapen en elke houtsoort heeft gezworen Baldr geen kwaad te doen. Loki vraagt of echt iedere houtsoort de eed heeft afgelegd en Frigg bekent dat er één jonge maretak is, deze tak groeit ten westen van Valhalla en was te jong om de eed af te leggen.

Loki weet nu wat hij weten moet en verdwijnt meteen om deze maretak te zoeken. Als hij hem gevonden heeft, breekt hij hem af en gaat op zoek naar Baldr. Iedereen is nog steeds op Baldr aan het schieten. Loki ziet Hod, Baldrs blinde broer, langs de kant staan en vraagt waarom hij niet meedoet. Hod zegt dat hij niet meedoet omdat hij geen wapen heeft en ook niet kan zien waar Baldr is.

Loki zegt dat Hod net als de anderen Baldr moet eren en dat hij wel een wapen heeft waarmee hij kan schieten. Hod krijgt de maretak en met behulp van de aanwijzingen van Loki schiet hij. De tak gaat recht door Baldr heen en Baldr valt dood op de grond.

Aangezien Baldr niet eervol op het strijdveld gestorven is, mag hij niet naar Valhalla. In plaats daarvan moet hij naar het dodenrijk van Hel, een van de dochters van Loki. Frigg wil haar zoon laten terugkeren en vraagt wie moedig genoeg is om naar het dodenrijk af te dalen om Hel over te halen Baldr terug te laten keren.

Odins andere zoon Hermod biedt zich aan. Hij maakt de lange rit op Odins achtbenige paard Sleipnir. Hermod rijdt negen nachten door donkere, diepe valleien. Bij de poorten van Hel aangekomen springt Hermod in een keer door de poort heen en gaat de zaal in. Daar ziet hij Baldr op de eretroon zitten. Hermod vraagt Hel of Baldr mag terugkeren naar Asgaard, alle Asen zijn diepbedroefd om de dood van Baldr. Hel zegt dat Baldr op één voorwaarde terug mag: elk levende wezen moet om hem huilen. Als iemand niet huilt, zal zij Baldr bij zich houden. Hermod rijdt terug naar Asgaard en laat boodschappers het nieuws verspreiden. Iedereen die het verhaal hoort, huilt om Baldr te bevrijden. Enkel de reuzin Thokk (Loki in vermomming) weigert een traan te laten waardoor Baldr in het dodenrijk moet blijven.

Baldrs dood blijkt echter niet voor niets: in het Eddagedicht Völuspá voorspelt de zieneres al dat Baldr door zijn broer met een maretak gedood gaat worden. Baldr en zijn broer Hod zullen echter na de ondergang van de wereld in de wereld die dan nieuw ontstaat, als eerste terugkeren, elkaar vergeven en samen in Valhalla wonen.

Filmrecensie: Thor

Thor

Eind april is de film Thor in de Nederlandse bioscopen gaan draaien. Voordat u besluit of u deze film gaat zien, is het fijn wat meer te weten over de achtergrond van de film. Mogelijk is het namelijk niet het soort film dat u in eerste instantie verwacht.

De film Thor is gebaseerd op een serie stripboeken van Marvel Comics. Het karakter Thor verscheen voor het eerst in 1962 toen de makers verlegen zaten om een personage dat nog sterker was dan De Hulk. Ze bedachten toen dat ze een echt sterk personage het beste in de godenwereld konden zoeken en kozen uiteindelijk voor de god Thor omdat het imago van de Vikingen, woest en wild met lange baarden en helmen met hoorns, hun aansprak. Hij kreeg al vrij snel zijn eigen serie, waarin nog steeds nieuwe delen verschijnen nog steeds.

Hoewel Thor gebaseerd is op de gelijknamige Oudnoordse god, is hij ook een superheld vergelijkbaar met Superman. Superman is een gewone, wat onhandige jonge journalist die kan veranderen in Superman. Stripheld Thor is een arrogante tiener die door zijn vader Odin verbannen wordt uit Asgard om hem wat menselijkheid te leren. Hierbij worden al zijn herinneringen aan de godenwereld gewist en leeft hij als Donald Blake onder de mensen. Als Thor uiteindelijk de Dodenhamer vindt, ontdekt hij dat hij hiermee in Thor kan veranderen en wordt hij een superheld.
Later in de stripserie wordt er steeds meer een sciencefiction-draai aan het verhaal te geven. De strips zijn net als de film een mengeling van de Scandinavische mythologie, het derde principe van Arthur C Clarke (‘een zeer geavanceerde technologie is voor de leek niet te onderscheiden van magie’) en pseudowetenschappelijke boeken zoals Waren De Goden Astronauten? van Erich von Däniken. In de film is het idee dat datgene wat wij de Noordse Goden noemen, eigenlijk een veel geavanceerdere buitenaardse/interdimensionale beschaving is. Vroeger stonden deze Asgardians in verbinding met de Aarde, waar ze de directe bron waren van de Noordse Mythologie. Jarenlang hebben ze geen contact gehad met aarde maar nu komen ze weer terug.

Gelukkig zijn er dus ook nog overeenkomsten met de mythologie en kunnen kenners nog redelijk veel elementen en karakters herkennen. Natuurlijk hebben we vader Odin en duikt onruststoker Loki ook in deze film op. Broer Loki is de reden dat Thor uit Asgard naar de aarde verbannen wordt. In de film moet Thor strijden tegen de Destroyer (de Vernietiger), een monster dat door Loki is gecreëerd. Als hij de Destroyer verslagen heeft, zal hij zijn hamer Mjolnir en zijn krachten terugkrijgen. Daarnaast heeft Heimdall, de wachter van de goden met het bovennatuurlijke zicht en gehoor, een rol in de film. Hij bewaakt de Regenboogbrug die ook in de mythologie voorkomt. In Amerika was veel te doen over het feit dat Idris Elba, een zwarte acteur, deze rol kreeg. Een van de andere Asgardians wordt overigens door een Japanse acteur gespeeld. Het feit dat het hier dus niet om de klassieke Noordse goden gaat maar een interpretatie, leek aan deze mensen voorbij te zijn gegaan.

​De film wordt geregisseerd door Kenneth Branagh, de gelauwerde Shakespeare-acteur en regisseur. Hij speelde ook de hoofdrol in de BBC-adaptatie van de Wallander-boeken. Uit deze serie nam hij acteur Tom Hiddleston mee, die in Thor de rol van Loki vertolkt. Branagh heeft in interviews gezegd dat hij vooral door de Shakespeariaanse intriges tussen de ‘goden’ aangetrokken werd. Met een acteur als Anthony Hopkins in de rol van Odin belooft dat veel goeds.

​Alle superheldenfilms van Marvel, waar Thor dus een van is, zijn met elkaar verweven. Eerdere films waren Iron Man, Hulk en Captain America. De verhaallijnen van alle superhelden zullen in de loop van 2012 samenkomen in de film The Avengers, waar volgens de geruchten Loki wederom de schurkenrol in zal vertolken.

Als u van actiefilms over superhelden houdt, zal Thor u zeker aanspreken, de verwijzingen naar de Scandinavische mythologie zullen de film dan alleen maar leuker maken. Houdt u niet van dit soort films dan kunt u Thor met een gerust hart links laten liggen.