Fylgjur en Walkuren

Fylgjur en Walkuren

In de Scandinavische mythologie vind je veel bovennatuurlijke wezens, zoals de valkyrjur, de Walkuren, en de fylgjur. Valkyrjur betekent ‘kiezers van de gevallene’, fylgjur betekent iets als ‘zij die volgen’. In de mythologie vinden we van deze laatste twee types: fylgjur die de gedaante van een dier kunnen aannemen en fylgjur die altijd alleen de gedaante van een vrouw aannemen. Soms duiken de fylgjur in gevechten op, rijdend op paarden. Ze zijn dan moeilijk te onderscheiden van de Walkuren. Toch zijn er duidelijke verschillen tussen deze wezens.

Iedereen heeft een fylgja in de vorm van een dier, deze fylgja volgt een mens de wereld in bij de geboorte, en sterft vlak voordat zijn ‘eigenaar’ sterft. Het dier waarin de fylgja verschijnt is een personificatie van de ziel en het karakter van zijn eigenaar. Fylgjur laten zich meestal niet zien en wanneer ze dat wel doen, is dat meestal een voorbode van pech of de dood. Soms laten ze zich ook in andere situaties zien, bijvoorbeeld om te waarschuwen dat er gevaar dreigt. In Örvar-Odds saga ziet Örvar zijn ijsbeer-fylgja op een schip staan en ziet hoe hij het schip laat zinken.

Het andere type fylgja verschijnt alleen in de vorm van een vrouw. In Gísla saga Súrssonar, de saga over Gísli Sursson, komt dit type voor. In deze saga verschijnen twee vrouwen in Gísli’s dromen: een goede en een slechte droomvrouw. De goede vrouw beschermt Gísli en voorziet hem van adviezen, terwijl de slechte vrouw hem constant herinnert aan de verschrikkelijke manier waarop hij zal sterven. Zij verschijnt vaak druipend van het bloed. Met dit bloed wil zij Gísli insmeren en wassen. Hij realiseert zich dat zij een teken van onheil in het gevecht is en dat zij uiteindelijk tevens zijn dood voorspelt. De vrouwelijke fylgja is altijd een voorbode van de dood. Zij is niet gebonden aan een persoon en sterft dan ook niet als de persoon aan wie zij zich getoond heeft sterft. In gevechten duiken deze fylgjur ook op en geven dan advies aan de krijgers. De krijgers sterven hoe dan ook, ongeacht of ze het advies van de fylgjur volgen of niet.

De Walkuren, de vrouwelijke krijgers van Odin, hebben een aantal dingen gemeen met de twee types fylgjur. Zo kunnen de Walkuren ook van gedaante wisselen, en zij kiezen dan meestal de gedaante van een zwaan. In Helreið Brynhildar, ‘Brynhilds Hellevaart’, geeft Odin acht zussen, onder wie Brynhild, zwanenmantels. Deze mantels maken hen Walkuren en zorgen ervoor dat ze door de lucht kunnen vliegen. Agnar steelt de zwanenkleden van de meisjes terwijl zij aan het baden zijn, waardoor zij gedwongen zijn hem te dienen.

In Völundarkviða, ‘De Ballade van Völund’, ontmoeten drie broers drie Walkuren aan de oever van een meer. De meisjes zijn herkenbaar als Walkuren door hun zwanenkleden. De broers verleiden de meisjes en ze brengen zeven winters samen door. Daarna vliegen de meisjes terug naar hun gevechten, om nooit meer terug te keren.

Zwanenmeisjes hebben ook een andere functie: ze kunnen wensen vervullen. Ze worden daarom ook óskmeyjar genoemd, ‘wensmeisjes’, een naam die afgeleid is van het Oudnoordse woord ósk, ‘wens’. Een van de vele verschillende namen van Odin, zoals genoemd in de Snorra Edda, is Óski, dit bevestigt de connectie tussen Odin en de Walkuren.

De Walkuren verschijnen net als de fylgjur ook op het slagveld; ook zij rijden op paarden. Ze geven echter geen advies; de Walkuren kiezen de heldhaftigste strijders uit voor Odin en brengen deze naar Valhalla, waar ze getraind worden om tijdens Ragnarök, het einde der tijden, te vechten. Soms treden ze ook op om de door Odin uitverkoren winnaar in het gevecht te beschermen.

In het gedicht Sígrdrífumál speelt de Walkure Sígrdrífa een andere rol. Zij heeft het heft in eigen hand genomen en heeft de door Odin uitgekozen winnaar, en de man die zij had moeten beschermen, gedood. Als straf steekt Odin haar met een doorn gedrenkt in slaapmiddel en zegt dat zij nooit meer een krijger de overwinning zal brengen op het slagveld.

Walkuren kunnen ook het weer beïnvloeden. Een voorbeeld hiervan zien we in het Oudnoordse gedicht Helgakviða Hundingsbana önnor, ‘De tweede ballade van Helgi, doder van de Hondenzoon’. Helgi is op weg om de oorlog te verklaren aan de man die zich verloofd heeft met de Walkure Sigrun, Helgi’s grote liefde. Sigrun beschermt Helgi tweemaal door een woeste onweersbui te bedaren zodat zijn schip veilig kan afmeren. We zien ook in andere gedichten dat de komst van de Walkuren vaak vergezeld gaat met donder en bliksem.

Uit de hierboven beschreven voorbeelden blijkt dat hoewel de fylgjur en de Walkuren vaak in vergelijkbare situaties in gedichten en verhalen verschijnen, zij verschillende typen wezens met een andere achtergrond en motivatie zijn. Een krijger kan op het slagveld beter een Walkure tegenkomen en als held sterven of beschermd worden, dan een fylgja zien en haar advies opvolgen!

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s