Kaupang en Dorestad

De Vikingen en de Friezen, Kaupang en Dorestad
Het huidige Nederland is in de 7e eeuw voornamelijk een veenmoeras. De belangrijkste plaatsen liggen vooral langs de kust en in de buurt van kanalen en rivieren. De Rijn en de Lek zijn in deze periode belangrijke handelsroutes. De inwoners van deze streek worden Friezen genoemd. Ze wonen langs de kust tussen het huidige west Vlaanderen en Noord Duitsland: Friesland, Frisia genoemd, dat in die tijd bestaat uit een groep op zichzelf staande ‘eilandjes’. De Friezen staan bekend als uitstekende handelslieden en zeevaarders. Dorestad, het huidige Wijk bij Duurstede, is een belangrijke handelsstad. De stad bestaat uit een grote haven met een paar duizend inwoners. In Dorestad vindt veel handel en ruilhandel plaats, maar er worden ook zilveren en gouden munten ingezet als betaalmiddel. Deze munten zijn later door heel Europa teruggevonden.

In de 8e eeuw wordt Frisia door de Franken veroverd en Karel de Grote lijft Frisia in 785 officieel in tot zijn rijk. Omdat het moerassige kustgebied moeilijk te verdedigen is, raken de Franken Frisia rond 830 weer kwijt aan Deense Vikingen. Vanuit Dorestad beginnen Vikingen plaatsen in de buurt te plunderen, ze vullen hun schepen met kostbare goederen en varen weer terug naar huis. Er is nooit bewijs gevonden dat de Vikingen ook Dorestad zelf hebben geplunderd. In de 9e eeuw raakt Dorestad haar positie als belangrijkste handelsstad kwijt, de oorzaak is onbekend. Het kan zijn dat Utrecht belangrijker is geworden, of dat de loop van de Rijn veranderd is waardoor deze niet meer langs Dorestad loopt. In Nederland zijn overblijfselen van Vikingen gevonden die het bewijs vormen van de handelscontacten tussen Scandinavië en Frisia. De meeste vondsten zijn gedaan in Dorestad. In Noorwegen zijn in Kaupang overblijfselen gevonden die een link met Dorestad suggereren.

Dorestad
Een van de belangrijkste vondsten in Dorestad is de Broche van Dorestad, een rijk gedecoreerde, gouden broche. De broche is gevonden op de bodem van een put en is daar rond 850 terecht gekomen. De broche wordt in verband gebracht met plunderingen door de Vikingen. Verder zijn er armbanden en ringen uit de 8e eeuw en naalden of haarpennen, een zilveren broche met een dierenmotief, een gesp met dierenmotief, een zilveren gesp met dierenmotieven, een spiraal armband met een abstract dierenpatroon en een zilveren schildpadbroche gevonden die alle een link met Scandinavië hebben.

Kaupang
Wat Kaupang interessant maakt in de relatie met Dorestad, is dat de handelswijk in Kaupang op dezelfde wijze is opgezet als in Dorestad het geval was. Langs het vaarwater is een gebied langs een havenweg in regelmatige percelen verdeeld, parallel aan het water. De kavels vertonen qua vorm en grootte grote overeenkomsten met kavels in Dorestad. Kaupang en een aantal vergelijkbare plaatsen (het Deense Ribe aan de westkust van Jutland, Hedeby aan de oostkant van Jutland en Birka in het Zweedse Mälarmeer) zijn rond de achtste eeuw opgekomen, in deze periode waren de Friezen dominant op zee. Mogelijk zijn deze plaatsen als Friese handel kolonies opgezet.
In Kaupang zijn vondsten gedaan die via Dorestad daar terecht zijn gekomen. Zo zijn er bijvoorbeeld glazen kralen uit het middeleeuwse kalifaat, daterend uit de 8e eeuw gevonden. Deze komen weinig voor in het oosten van Noorwegen. Daardoor is het aannemelijk dat ze in Kaupang terecht zijn gekomen via een West-Europese handelsroute.

Er zijn ook Friese aardewerken potten gevonden in Kaupang. Dit aardewerk dateert uit de 9e eeuw. Opvallend is dat zowel in Kaupang als in Dorestad vrijwel geen ‘Hunneschans’ aardewerk gevonden is. Bij ‘Hunneschans’ aardewerk, worden de potten met waterige rode of paarse verf versierd. Dit aardewerk is vanaf de laatste kwart van de 9e eeuw in opmars geraakt en op heel veel plekken in Europa gevonden. Dat het helemaal niet in Kaupang voorkomt is uitzonderlijk en toont aan dat de handel in aardewerk tussen Frisia en Kaupang stopte tussen 860 en 880. De gevonden Friese aardewerken potten zijn als kookpot gebruikt. In Noorwegen wordt er in die tijd vooral gekookt in metalen potten. Dit wijst erop dat de Friezen zich een op een gegeven moment in Kaupang gevestigd hebben.

Dagfinn Skre heeft onderzocht waarom de Friezen naar dit afgelegen, onbekende gebied in Noorwegen zijn gekomen. Hij ontdekt dat ze niet, zoals veel andere buitenlanders, gekomen zijn om goederen te produceren. De Friezen zijn juist gekomen om specifieke producten terug naar Nederland (en het continent) te brengen. Uit de vondsten blijkt dat de Friezen vooral voor het Noorse ijzer zijn gekomen. Dat is door een andere chemische samenstelling veel steviger en minder broos dan het ijzer op het continent, dus er kan veel beter staal van gemaakt worden. Dit Noorse ijzer is vanuit Kaupang naar andere landen geëxporteerd en was erg gewild in de 9e eeuw.

Bron: Skre, Dagfinn. ‘From Dorestad to Kaupang. Frankish Traders and Settlers in a 9th-Century Scandinavian Town.’ Dorestad in an International Framework. 2010. 137–141. Web.

Advertisements

Recensie: Norse Mythology

Norse Mythology, Neil Gaiman, W.W. Norton, februari 2017.

Neil Gaiman is zijn carrière begonnen als journalist en schrijver van ‘graphic novels’. De 75-delige reeks Sandman is zijn bekendste en meest geroemde ‘graphic novel’. Deze serie gaat over Morpheus, of ‘Dream’, heerser van de droomwereld, die door een occult ritueel gevangen wordt gezet en na 70 jaar weer vrijkomt. In Sandman wordt fantasie op een indrukwekkende manier verweven met personages, onderwerpen en locaties uit wereldliteratuur, mythologie en geschiedenis.

Na het succes van Sandman is Gaiman ook boeken voor volwassenen en kinderen gaan schrijven. In 2001 kwam American Gods (Amerikaanse Goden in Nederland) uit. Ook in dit met een prijs bekroonde boek combineert Gaimain fantasie met geschiedenis, mythologie en een reis door Amerika.

Hoofdpersoon Shadow heeft drie jaar in de gevangenis gezeten. Na zijn vrijlating ontmoet hij de excentrieke oude man Wednesday (die later Odin blijkt te zijn). Wednesday biedt hem een baan aan als zijn persoonlijke lijfwacht. Shadow wordt meegezogen in een aaneenschakeling van wonderlijke, vaak gewelddadige gebeurtenissen en ontmoetingen met Goden uit de hele wereld als blijkt dat de oude Goden, zoals Odin en Loki, met uitsterven worden bedreigd door de opkomst van nieuwe Goden.*

Gaiman is dus niet onbekend met (oud- noordse) mythologie. In Norse Mythology blijkt dat hij zijn onderzoek grondig hee gedaan. Gaiman blij trouw aan de bronnen van het lied Edda en proza Edda en combineert deze op slimme wijze als dat voor de verhaallijn of chronologie beter uitkomt. Gaiman vertelt op geheel eigen wijze, vaak ook met humor, een aantal bekende mythen zoals Voluspá, het begin van de wereld, en Ragnarok, het einde van de wereld, maar ook Loki’s bezoek aan de reuzen en hoe Thor zijn hamer en Sif haar gouden haar krijgt. Veel van de verhalen zijn eerder aan bod gekomen in afleveringen van Scandinavische Mythologie.

Ik raad iedereen aan het luisterboek te beluisteren. Gaiman leest Norse Mythology zelf voor en hij heeft een prettige stem om naar te luisteren. In Norse Mythology – en zeker in het luisterboek – komen de oudnoordse goden echt tot leven.

*Van American Gods is in mei 2017 ook de tv-serie gestart, deze is vooralsnog te zien op Amazon Prime, maar de serie zal vast ook op de Nederlandse tv verschijnen.

Heksenvervolgingen in Noorwegen

Eerder schreef ik over Magie in mythologie en over het Steilneset monument in Vardø. In deze aflevering van Scandinavische mythologie besteed ik aandacht aan deze donkere periode van heksenvervolgingen in Europa waarin duidelijk wordt welke vreselijke consequenties bijgeloof en propaganda in combinatie met natuurgeweld en angst voor het onbekende kunnen hebben.

Angst voor heksen

In alle religies en culturen bestaan opvattingen over heksen en tovenarij. In het Westen wordt hekserij lange tijd in verband gebracht met volksgeloof. Het ongeletterde volk zoekt bij ongeluk en tegenslagen een verklaring en een zondebok. Iemand die buiten de samenleving staat of “anders”, ziek of gebrekkig is, is dan een makkelijke prooi. Vanaf de 15e eeuw wordt binnen Europa, onder invloed van het Christendom, hekserij steeds meer gerelateerd aan aanbidding van de duivel en afvalligheid van God.

Heksenvervolging in Europa

Er hebben vanaf de oudheid al veroordelingen plaatsgevonden van gebeurtenissen die aan magie worden toegeschreven, het gaat dan om misoogsten of onverklaarbare of tragische sterfgevallen waarbij een zondebok gezocht wordt. Tot de vroege Middeleeuwen blij de straf meestal beperkt tot een geldboete of verbanning. Hekserij wordt in de Middeleeuwen veelal gezien als een heidens overblijfsel en als onbelangrijk terzijde geschoven.

In 1250 verandert dit, dan wordt het kerkelijke gerecht, de inquisitie, ingesteld tegen ketterij. Vanaf 1375 verschijnen geschriften tegen hekserij waarin gesproken wordt van een ‘ketters verbond’ tussen de heks en de duivel. Als gevolg van deze geschriften worden er meer heksen dan voorheen gewelddadiger beschuldigd, gemarteld en op brandstapels verbrand.

Het ‘hoogtepunt’ van de heksenvervolging wordt bereikt tussen 1560 en 1680. Er gaan verhalen rond dat overal heksen zijn die het land willen overnemen. Deze angst leidt tot massaprocessen. Pas in 1660 verandert de mentaliteit bij de elite. Men wordt steeds sceptischer en verwerpt het concept van onstoffelijke wezens. Hierdoor laat de elite ideeën over duivelspacten en heksensabbats langzaam maar zeker varen. Ook worden processen tegen heksen tegengewerkt door rechters en wordt wetgeving aangepast waardoor processen steeds minder vaak leiden tot een veroordeling. Nadat uiteindelijk ook marteling afgeschaft wordt, komt er rond 1720 een eind aan de heksenvervolging in Europa.

Heksenvervolging in Noorwegen

Door de overgeleverde rechtbankverslagen weten we dat in de 17e eeuw veel heksenprocessen in Finnmark gevoerd worden. Dat kan verklaard worden doordat in Noord Noorwegen de lokale macht bij buitenlandse, vaak Schotse, Duitse en Deense mannen ligt. Mannen uit landen waar heksenvervolging al eeuwenlang aan de orde van de dag is. Religieuze experts in Europa beweren in die tijd dat ‘het kwaad’ uit het Noorden komt, specifiek uit Nordkalotten waar de Sami wonen. Ze beweren ook dat de noordenwind magie uit het Noorden over Europa verspreidt. De bestuurders geloven deze vooroordelen. De Sami zijn daarnaast geen Christenen en hebben de reputatie magie te bedrijven. De bestuurders raken ervan overtuigd dat zij naar deze regio zijn gestuurd om de Sami op het ‘rechte pad’ te krijgen.

De bestuurders keuren het ook af dat de Scandinavische vrouwen langs de kust vaak maandenlang alleen zijn terwijl hun mannen op zee varen om te vissen. Ze verdenken de vrouwen ervan dat ze vreemdgaan met demonen.

In 1617 wordt Oost Finnmark verrast door een plotselinge, verwoestende storm. De meerderheid van de mannelijke bevolking is op dat moment op zee. Tien boten zinken en 40 mannen sterven. In hetzelfde jaar wordt in Denemarken-Noorwegen een nieuwe wet tegen hekserij en tovenarij van kracht, die in 1620 Finnmark bereikt.

In 1621 vindt in Vardø een heksenproces plaats in het fort van Vardøhus. Uiteindelijk worden hier 77 vrouwen en 14 mannen ondervraagd, veroordeeld en verbrand.

Mari Jørgensdatter uit Kiberg wordt op 21 januari gemarteld en ondervraagd. Ze vertelt dat ze rond kerst in 1620 samen met de Duivel naar haar buurvrouw Kirsti Sørensdatter is gegaan. Kirsti nodigt haar uit om mee te gaan naar een feest bij de Lydhorn berg, net buiten Bergen. Zij verandert Mari in een vos en Mari en Kirsti vliegen vervolgens naar Bergen. Mari herkent op het feest twee mannen en een aantal vrouwen uit het gebied rond de Varangerfjord, ook zij zijn in de gedaantes van dieren, ze noemt katten, honden, zeemonsters en vo- gels. Alle heksen, behalve Kirsti, vliegen na het feest terug naar huis. Kirsti blij achter om Bergen te bezoeken.
Deze heksen zijn volgens Mari ook verantwoordelijk voor de grote storm van 1617. Dit wordt bevestigd door Else Knutsdatter. Nadat Else is blootgesteld aan de waterproef bevestigt ze Mari’s verhaal. Ze vertelt verder dat de heksen in 1617 een visdraad driemaal knoopten, erop spuugden en weer losmaakten waarna de zee als as oprees en de schepen zonken.

Kirsti Sørensdatter wordt door veel van de veroordeelde vrouwen aangewezen als hun leider. Kirsti wordt opgepakt als ze terugkomt uit Bergen. Ze wordt gemarteld en bevestigt de verhalen van de andere vrouwen. Ze wordt op 28 april 1621 op de brandstapel verbrand en is het laatste slachto er van het grootste heksenproces van Vardø.

In Noord Noorwegen zijn tussen 1621 en 1663 150 mensen ter dood veroordeeld vanwege hekserij. Alle veroordeelde mannen waren Samisch en alle vrouwen Noors.

 

Scandinavische kunst: Steilneset in Vardø

In deze aflevering van Scandinavische kunst bespreek ik een bijzonder monument: het Steilneset monument in Vardø.

noorwegen steilnesetDit monument is in 2011 geplaatst om de heksenvervolging in Vardø te herdenken. In 1621 zijn 77 vrouwen en 14 mannen in Vardø veroordeeld voor hekserij en verbrand. Het monument bestaat uit twee onderdelen en is een samenwerking van de Zwitserse architect Peter Zumthor en de Frans-Amerikaanse kunstenares Louise Bourgeois.

Zumthor heeft een indrukwekkend 125 meter lang gebouw ontworpen met een smalle gang waarin willekeurig steeds een verlicht vierkant raampje is geplaatst voor elk slachtoffer. Bij elk raam vind je een gedenkplaat met de naam van het slachtoffer en een korte tekst met de beschuldiging. Deze teksten zijn geschreven door historica Liv Helene Willumsen en zijn gebaseerd op rechtbankverslagen uit de 17e eeuw. Door elk raam is van buiten een enkele brandende gloeilamp zichtbaar, in deze verlaten regio kun je alleen aan de verlichte ramen zien welke huizen bewoond zijn.

Louise Bourgeois heeft een installatie gemaakt in een vierkant, stalen paviljoen met 17 panelen van getint glas die net de grond en het plafond niet raken. Binnen staat een metalen stoel waar (geprojecteerde) vlammen uit de zitting komen. De vlammen worden gereflecteerd in 7 ovale spiegels rondom de stoel, als rechters die de beschuldigde omcirkelen.

Steilneset_MemorialSteilneset monument, foto: Bjarne Riesto -https://www.flickr.com/photos/eager/13571909504  CC BY 2.0

Dwergen in de Scandinavische mythologie

Dwergen (svartalf, zwartelven) spelen een belangrijke rol in Scandinavische mythologie. Ze wonen ondergronds in Svartalfheim, een rijk vol mijnen en labyrinten, en ze zijn pikzwart. Hun bekendste eigenschap is dat ze fantastische smeden zijn, ze maken de beste wapens en de mooiste juwelen.

In de mythologie wordt verteld dat de dwergen gemaakt zijn uit zand en steen. Als ze blootgesteld worden aan zonlicht vallen ze ook weer uiteen in zand en aarde. Daarom wonen de dwergen ondergronds. In Gylfaginning wordt verteld dat de vier dwergen Norðri, Suðri, Austri en Vestri de hemel op hun schouders dragen.

Hun status als gedreven ambachtslieden wordt geïllustreerd doordat dwergen verantwoordelijk zijn voor de drie belangrijkste godenartefacten. Zo worden de dwergen Brokk en Eitri genoemd als makers van Thors hamer Mjölnir, Odins armring Draupnir en Gullinbursti, het gouden wilde zwijn van Freyr. Zij maken deze voorwerpen om aan Loki te bewijzen dat zij mooiere dingen kunnen maken dan de dwergen die ‘de zonen van Ivaldi’ worden genoemd. De zonen van Ivaldi hebben bijvoorbeeld Gungnir, de speer van Odin, en Skíðblaðnir, de opvouwbare boot van Freyr gemaakt.

Helaas voor Loki slagen de dwergen erin om de zonen van Ivaldi te overtreffen, Loki heeft namelijk zijn eigen hoofd ingezet in de weddenschap. Hij weet zich eruit te praten door de dwergen er op te wijzen dat ze zijn nek moeten doorsnijden om zijn hoofd te krijgen, en zijn nek is natuurlijk nooit onderdeel geweest van de weddenschap! De dwergen moeten hem daar gelijk in geven maar laten zijn bedrog niet ongestraft: ze besluiten om zijn mond dicht te naaien zodat hij anderen niet kan bedriegen met zijn woordspelletjes.

Dwergen zijn ook zeer bedreven in het werken met goud, ze kunnen er zelfs haar van maken. In Skáldskaparmál lezen we hoe de dwergen haar van goud maken, zo fijn als zijde en zo licht dat zelf een vogel het gewicht niet kan voelen. Dit alles omdat Loki als grap het haar van Thors vrouw Sif heeft afgeknipt en alleen haar van goud Sif weer gelukkig kan maken.

Andere voorwerpen die in de mythologie terugkomen zijn een helm, Huliðshjálmr, met een bijbehorende cape die er voor zorgen dat de dwergen onzichtbaar worden en een ring die vergelijkbaar is met Odins Draupnir. Deze ring is gemaakt door de dwerg Andvari, Waakzaam.

Andvari leeft onder een waterval en kan zichzelf veranderen in een snoek. Hij heeft een ring gesmeed, Andvaranaut (het geschenk van Andvari) met dezelfde magische eigenschap als Draupnir: ook uit deze ring komen elke negende dag acht nieuwe ringen. Andvari is schatrijk geworden. Op een dag wordt Andvari in zijn gedaante als snoek gevangen door Loki die op zoek is naar goud. Loki eist al het goud van Andvari en in zijn hebzucht pakt hij ook de ring. Andvari vervloekt de ring en zijn schat: iedereen die de volledige schat bezit, zal sterven.

Er zijn ook dwergen beroemd (of berucht) geworden om andere dingen dan de voorwerpen die ze maken. Fjalar en Galar, bijvoorbeeld. Zij besluiten om de reus Kvasir te vermoorden om zijn kennis te stelen, zijn bloed mengen ze met honing om mede te maken. Ieder die deze mede drinkt, wordt dichter of geleerde. De dwergen raken de mede kwijt als ze de reus Gilling en zijn vrouw vermoorden. Suttung, de zoon van Gilling, ontdekt dat Fjalar en Galar zijn ouders hebben vermoord en bedreigt de dwergen. Om hem te sussen bieden Fjalar en Galar Suttung de magische mede aan. Suttung verstopt de mede middenin een berg en laat zijn zus Gunnlod de mede bewaken.

Een andere beroemde dwerg is Alviss, Alwijs. Zijn verhaal is een tragisch liefdesverhaal. Thrud, de mooie dochter van Thor, is als vrouw beloofd aan Alviss. Thor wil echter niet dat Thrud met een dwerg trouwt, hij eist dat Alviss eerst bewijst dat hij echt alwetend is. Alviss stem toe, verblind door liefde voor Thrud. Thor begint vraag na vraag af te vuren op Alviss, de vragen gaan over alle werelden, over de zee, de hemel, de aarde, het duurt zo lang dat de ochtend aanbreekt en Alviss verrast wordt door het zonlicht waardoor hij in steen verandert.

Er is ook nog een aantal andere dwergen uit de Scandinavische mythologie eeuwen later beroemd geworden. Het is geen geheim dat Tolkien geïnspireerd is geraakt door de Scandinavische mythologie. Hij studeerde in 1915 af in Engelse filologie (taalkunde die zich op dode talen richt) met Oud-noords als extra vak. De namen die hij geeft aan zijn dwergen in De Hobbit, komen rechtstreeks uit Völuspá: Thorin met het Eikenschild, Dvalin, Bifur, Bofur, Bömbur, Nóri, Óinn, Thrór, Thrain, Fíli en Kíli. Zo leeft de Scandinavische mythologie ook in moderne media en literatuur voort.

Scandinavische Kunst: Bjørg Elise Tuppen

Als je denkt aan kunst in Noorwegen komen een paar namen meteen naar boven: Edvard Munch als bekendste schilder, Ole Bull en Edvard Grieg als componisten en Arnstein Arneberg, de architect van het Stadhuis in Oslo.
In Noorwegen en heel Scandinavië, is nog veel meer oude en moderne kunst te ontdekken. In deze serie vertel ik elke keer iets over een interessante, wat onbekendere, Noorse of Scandinavische kunstenaar. Deze eerste aflevering gaat over een jonge fotografe: Bjørg Elise Tuppen.

Bjørg Elise Tuppen is een Noorse fotografe en grafisch ontwerper uit Harstad. In haar werk staat het prachtige Noorse landschap centraal, in het landschap verwerkt ze een onverwacht element.

Zo geeft het project ‘Visual Strangeness’ een dromerige alternatieve werkelijkheid weer met vissen die door het gras zweven en een pinguin die over een landweg loopt.
De foto’s hebben een dromerige sfeer en zijn niet duidelijk zichtbaar bewerkt. Daardoor laten ze je met een gevoel achter dat het beeld best wel eens waar zou kunnen zijn, maar dat er iets is wat niet helemaal klopt. Dat maakt deze foto’s zo sterk.

Visual strangeness – A Dream of Fish and Bluebells

Een van Bjørg Elise Tuppens andere projecten heet ‘Norway, the land of myths and folklore’. Op deze foto’s staan wezens uit de Scandinavische mythen en sagen.

Myths and folklore -Jotne

Ze toont onder andere huldra, elven en reuzen in hun natuurlijke omgeving. Ook dit levert fantastische plaatjes op.

In een van haar nieuwste projecten ‘In Between elements’ speelt Bjørg Elise met richting en dimensie, waarbij ze bijvoorbeeld bij een foto van een plas in een weiland de waterdruppels uitvergroot, bij een andere foto spiegelt ze land en lucht.

In between elements – road

In between elements – Swimming

Deze foto’s en meer zijn te zien op haar Behance pagina:

https://www.behance.net/Bjorg-Elise

Alle foto’s zijn van Bjørg Elise Tuppen, hier geplaatst onder een creative commons licentie: CC BY-NC-ND 4.0, https://creativecommons.org/licenses/by-nc-nd/4.0/

Recensie: De Rustelozen

De Rustelozen, Linn Ullmann, vertaald door Lucy Pijttersen, Hollands Diep, Amsterdam, november 2016.

Dat Linn Ullmann de buitenechtelijke dochter is van de spraakmakende en beroemde Ingmar Bergman en Liv Ullmann heeft altijd een rol gespeeld in haar eigen werk. 

Haar jeugd is niet makkelijk geweest, met ouders die er nooit waren en steeds wisselende kindermeisjes die haar grootbrachten. Van sommige meisjes herinnert Linn zich niet veel meer. Over ene Catherine schrijft ze: ‘Wat ik bedoel is dat ik me niet kan herinneren hoe ze eruitzag (…), maar wel weet ik nog dat er een donkere, zware sfeer om haar heen hing, blauw en treurig. Als ik haar zou moeten vergelijken met een vrucht, zou het een zwarte bes zijn.’ 

Haar moeders tijd wordt bij voortduring opgeslokt door films of door een constante stroom minnaars. Bij haar kluizenaar van een vader, die haar altijd in de derde persoon aanspreekt, brengt ze jaarlijks de maand juli door. Eenzaamheid en het gevoel van anders zijn staan centraal in haar jeugd.

Ingmar Bergman en Linn Ullmann willen samen een boek schrijven over ouder worden, daarom neemt Linn de gesprekken met haar dan 87 jaar oude vader op; haar vader is dan al zo vergeetachtig dat hij vaak van de hak op de tak springt. Nadat Ingmar Berman sterft, duurt het een paar jaar voordat Linn de opnames terugluistert en uiteindelijk dit boek over haar jeugd en ouders schrijft.

De Rustelozen staat vol transcripties van bandopnames, anekdotes, gesprekken en verhalen over de niet alledaagse jeugd en het verdere leven van Linn. Ze vertelt openhartig over de moeilijke, maar op hun eigen manier liefdevolle band die ze met haar vader en moeder had. Linn wisselt tussen het afstandelijk beschrijven van haar jeugd, waarin ze steevast aan zichzelf en haar familie refereert als ‘het meisje’ en ‘de vader’ en ‘de vrouw’ en hoofdstukken die zijn geschreven vanuit de ik-persoon. 

Ondanks de afstandelijkheid die daaruit klinkt, boet het verhaal niet aan kracht of intimiteit in. Juist de verschillen in toon en perspectief maken van De Rustelozen een indrukwekkend boek dat nog lang blijft hangen. Absoluut een aanrader en een van de beste boeken die ik in de afgelopen maanden gelezen heb.