Recensie: Over elfjes en kogelgaten

‘Over Elfjes en Kogelgaten’, Anneke de Bundel & Nicole Franken, Knnv Uitgeverij, Zeist, 2015.

Een groot en prachtig vormgegeven boek ligt voor me: ‘Over Elfjes en Kogelgaten’. Vergeten landschappen staan centraal en de mensen die (over)leven in die landschappen, hun gewoontes en overtuigingen. In dit boek reizen journaliste Anneke de Bundel en fotografe Nicole Franken door Bosnië, Schotland, IJsland, Ierland, Koerdistan en Noorwegen. Aan de hand van verhalen van mensen die ze tijdens hun reis hebben ontmoet, wordt over de verschillende landen verteld. Het zijn interessante diepgaande verhalen. Samen met de prachtige foto’s geven ze een treffend beeld van de bereisde landen. Elk hoofdstuk wordt afgesloten met een anekdote van de twee dames zelf.

Door de verhalen die Anneke de Bundel schrijft, krijg je het gevoel alsof je de mensen in de verhalen echt leert kennen. Je leest over werkloze jonge mannen in Bosnië, die te maken hebben met bermbommen en moeders die voor hun zonen op zoek zijn naar geschikte vrouwen. Daarnaast vertelt Anneke aangrijpend over de mensen die ze aantreft in vluchtelingenkampen in Koerdistan. In Schotland wemelt het van de geesten en ontmoeten Anneke en Nicole een scheepsbouwer die in monsters en elfjes gelooft en accordeons haat. In Ierland ontmoeten ze de laatste koning van Ierland op Tory Island in de pub waar hij audiëntie houdt.

Als je in IJsland woont, weet je dat de natuur de baas is. Daar denk je niet voortdurend aan

Over IJsland lezen we dat het land eigenlijk prachtig mosgroen is en door de Vikingen IJsland genoemd werd om te voorkomen dat andere Vikingen zich er zouden vestigen. Op IJsland lopen mensen in T-shirts als het 13 graden is en stikt het van de vulkanen (er zijn er 130). Niemand maakt zich druk om uitbarstingen.‘Als je in IJsland woont, weet je dat de natuur de baas is. Daar denk je niet voortdurend aan’ aldus de jonge Ólöf Birgisdottir, die een hotel runt. IJsland is verder het veiligste land ter wereld, slechts één moord per jaar, ondanks dat iedereen een wapen mag dragen en de ongewapende politie nooit gezien wordt. Verbijsterend, vinden de dames, zeker gezien de bloederige IJslandse sagen!

In Noorwegen bezoeken de dames huskeymenners en rijden ze op een slee door het koude en witte landschap met de jonge huskeymenner Elin die traint voor haar volgende huskeymarathon.

Wat opvalt aan ‘Over Elfjes en Kogelgaten’, en wat het boek zo bijzonder maakt, is dat de mensen die de verhalen vertellen centraal staan en niet de – soms uitzichtloze – situaties waarin ze zich bevinden. Daardoor werkt het boek inspirerend en niet deprimerend. ‘Over Elfjes en Kogelgaten’ is een geweldig boek. De foto’s zijn fenomenaal en brengen de bijbehorende verhalen tot leven. De verhalen zijn interessant, leerzaam, aangrijpend en bevatten precies genoeg humor.

Advertisements

Recensie: “Helweek” & “Genadeloos”

‘Helweek’ en ‘Genadeloos’

Erik Bertrand Larssen is de bekendste mental coach van Noorwegen, waar hij al meer dan 200.000 boeken verkocht. In 2014 was heel Noorwegen in de ban van de ‘Helweek’. De twee boeken die je voorbereiden op deze je leven veranderende week, Helweek en Genadeloos, zijn nu ook in het Nederlands vertaald. De boeken zijn in willekeurige volgorde te lezen. Ook in Nederland is Helweek een bestseller en kreeg veel aandacht in de media. In 2015 worden zelfs vier nationale helweken georganiseerd (21- 27 september is de volgende – voor de geïnteresseerden, zie www.helweek.nl). Vanwege de hype leek het me leuk om de boeken van Erik Bertrand Larssen hier te bespreken.

Het idee van een helweek komt uit de gelijknamige week in het Noorse leger, die Larssen ook heeft ondergaan tijdens zijn opleiding tot officier. Tijdens deze week worden de soldaten zowel mentaal als fysiek tot het uiterste gedreven. Het idee hierachter is dat je buiten je comfortzone het snelst leert. Een helweek zet je op scherp en zorgt ervoor dat je het leven in een ander daglicht ziet.

Erik Bertrand is niet voor niets mental trainer; de helweek houdt namelijk ook in dat je blij, positief en oplossingsgericht met jezelf en je doelen aan de slag gaat. Je gaat tijdens de helweek extra goed voor jezelf zorgen, gezond eten en drinken, productief zijn en sporten staat centraal. Een dag van de helweek begint om 5:00 ’s ochtends en eindigt om 22:00 ’s avonds.

Iedere dag in de helweek heeft een eigen thema. Op maandag neem je je vaste gewoontes onder de loep, wat zijn die en hoe kun je goede gewoontes versterken en slechte gewoontes veranderen. Dinsdag staan twee begrippen centraal: modus en focus. Je gemoedstoestand is je modus, en je focus is datgene wat je aandacht nodig heeft op dat moment. Visualisatie, lichaamshouding, je innerlijke dialoog en herinneringen kunnen je modus veranderen, waardoor je effectiever werkt. Timemanagement is het thema van woensdag. Donderdag is de zwaarste dag: je mag een nacht niet slapen. Moed, angst, uitstelgedrag en motivatie zoeken staan centraal. Na de slapeloze nacht van donderdag, begin je vrijdag aan een dag vol rustmomenten. Zaterdag wordt een dag waarop je alleen maar positief mag denken. Hoe je denkt bepaalt hoe je je voelt, je woordkeuze is hierbij bepalend. Op zondag plaats je je leven in perspectief en denk je na over wat de helweek je gebracht heeft.

Larssen weet de opdrachten en thema’s goed over te brengen met herkenbare verhalen van zijn cliënten en uit het leger. Het is echter handig (als je echt iets wilt hebben aan dit boek) om het samen te lezen met Genadeloos, Hierin beschrijft Larssen de theorieën die hij in Helweek aanstipt uitgebreider. Hoe kun je jezelf verbeteren, hoe stel je jezelf goede doelen, hoe haal je het maximale uit jezelf en hoe kun je je verborgen talenten aanspreken. Mental training is zijn vak, dus je gedachten en het sturen van je gedachten staan centraal.

Beide boeken zijn erg interessant, zeker als je weer even stil wilt staan bij je leven en wilt ontdekken of je je passies nog wel volgt (of wat die dan zijn). Of je nou 40 uur per week werkt of niet, we laten ons vaak teveel opslokken in de dagelijkse gang van zaken en besteden onze tijd niet altijd zoals we die willen besteden. Boeken als Helweek en Genadeloos laten je weer even stilstaan bij wat je echt wilt bereiken in het leven en geven je de middelen om die doelen te bereiken. Samen met de inspirerende, leuke schrijfstijl van Larssen betekent dit dat iedereen deze boeken zou moeten lezen.

Naschrift: Helweek en Genadeloos, Erik Bertrand Larssen, Boom/Nelissen, Amsterdam, 2014 en 2015. Vertaald door Maud Jenje en Sofie Maertens

Erik Bertrand Larssen is mental coach, hij begeleidt veel topatleten en topmanagers. Hij is tevens een veelgevraagd internationaal spreker.

Recensie: De Entertainer

De Entertainer

Jonathan Grep droomt ervan om concertpianist te worden, maar kan dat niet waar maken. In plaats daarvan wordt hij tegen kost en inwoning restaurantmusicus in een hotel in het noorden van Noorwegen. De lichte nachten vallen hem zwaar en hij kampt met slapeloosheid. In zijn doorwaakte nachten maakt hij kennis met zijn nieuwe (excentrieke) dorpsgenoten die hem verhalen vertellen over het dorpsleven in deze afgelegen en gesloten gemeenschap. Al snel voelt Jonathan een onbedwingbare drang om het dorp te helpen, ruzies op te lossen en de dorpelingen met elkaar te verzoenen. Dat loopt niet zoals Grep in gedachten had…

De Entertainer verscheen in Noorwegen al in 1995, het boek is in 2008 in het Nederlands vertaald. Het boek past goed bij de andere werken van Lars Saabye Christensen. Hij toont hier wederom waar hij goed in is. Met humor en oog voor detail brengt hij de verschillende karakters, de melancholische sfeer en het leven van een buitenstaander in het kleine, noordelijke dorp tot leven.

Lars Saabye Christensen is een meester in het beschrijven van normaal lijkende situaties en die door zijn schets van een detail bijna absurd worden. Zo moeten de receptionistes in het hotel, Sara en Solveig, één uniform delen, terwijl ze heel verschillend gebouwd zijn. Het hotel heeft echter geen geld voor een ander uniform. Soms vergeten de meisjes hun naamkaartjes te verwisselen. Jonathan Grep voelt zich meteen na zijn eerste ontmoeting met Sara en Solveig al geroepen om de meisjes ieder van hun eigen uniform te voorzien. Dit soort situaties zijn typisch voor Lars Saabye Christensen en zijn observaties en beschrijvingen maken zijn karakters erg menselijk.

De Entertainer is een korter verhaal dan veel van Lars Saabye Christensens andere werken, dat doet echter geen afbreuk aan de kwaliteit ervan. De Entertainer is het zeker waard om gelezen te worden.

De Entertainer, Lars Saabye Christensen, De Geus, Breda, 2008. Vertaald door Paula Stevens.
Lars Saabye Christensen (1953) schrijft romans, poëzie, scripts en kinderboeken. Hij is in Nederland (en internationaal) doorgebroken met De Halfbroer.

Recensie: Twee Wegen

Per Petterson is in Noorwegen een veelgelezen auteur. In zijn werk staat verlies en eenzaamheid centraal, dat is niet zo raar als je weet dat Petterson zijn ouders en een broer verloor tijdens de brand op de Scandinavian Star Ferry in 1990. Internationaal is hij vooral bekend van zijn veelgeprezen roman Paarden Stelen uit 2003, in dat boek lopen drie verhaallijnen door elkaar. In Twee Wegen kruisen de wegen van twee personages, Tommy en Jim,  zich door een onverwachte ontmoeting nadat ze elkaar 35 jaar niet gezien hebben. Deze ontmoeting zorgt dat voor beiden het verleden weer boven komt drijven.

Tommy en Jim hebben een hechte vriendschap in hun jeugd. Tommy’s moeder heeft Tommy en zijn drie zussen plotseling verlaten en laat hen alleen achter met hun gewelddadige vader. Als Tommy het op een avond zat is en hij zijn vader terugslaat, verlaat zijn vader het gezin. Jeugdzorg plaatst de kinderen uiteindelijk in verschillende pleeggezinnen, waardoor Tommy bij een buurman terechtkomt. Jim heeft geen vader en woont bij zijn lieve, strenggelovige moeder. Jim is een buitenbeentje op school. Hij is een briljante leerling, maar kan niet goed omgaan met zijn gevoelens en komt zichzelf steeds tegen.

Beide jongens vinden hun gezinssituatie en jeugd normaal en vinden steun bij elkaar. Ruim achttien jaar lang zijn ze onafscheidelijk. Dan scheiden zich hun wegen en komen ze elkaar 35 jaar later weer tegen. Bij deze ontmoeting lijkt het alsof de rollen zijn omgedraaid. Terwijl Jim nu eenzaam, ziek en arbeidsongeschikt is, rijdt Tommy, die zijn school nooit heeft afgemaakt, in een gloednieuwe Mercedes en heeft hij een hoge post in de financiële sector.

De levenslopen van Tommy en Jim worden verteld vanuit zowel hun eigen perspectief, in hoofdstukken die bestaan uit flashbacks en gebeurtenissen in de dagen na hun ontmoeting. Daarnaast komen ook andere personages aan het woord zoals Tommy’s zus en moeder.  Petterson maakt ook gebruik van een neutrale verteller. Deze manier van vertellen zorgt ervoor dat je je aandacht erbij moet houden, maar werkt niet verwarrend. Als lezer weet je hierdoor ook meer dan de personages zelf, wat voor extra spanning in het verhaal zorgt. 

Waarom de twee vrienden elkaar uit het oog verloren zijn en hoe hun levens zich verder hebben voltrokken komen we gaandeweg te weten. Het boek maakt ook krachtig duidelijk dat niet alles is zoals het op eerste gezicht lijkt, Tommy rijdt dan wel in een dure auto en lijkt zijn leven beter op orde te hebben dan Jim, maar de ontmoeting met Jim maakt veel in hem los, waardoor zijn masker breekt en zijn eenzaamheid zichtbaar wordt. Wat er is gebeurd tussen deze jongens en hoe het verder gaat, moet u vooral zelf lezen in dit mooie boek.

Naschrift: Per Petterson (1952) is schrijver, vertaler en literatuurcriticus. Twee wegen is zijn negende boek. Twee wegen, Per Petterson, vertaald door Marin Mars, De Geus, Amsterdam, 2014.

Recensie: Noors breien met Arne en Carlos

Van het bekende Noorse duo Arne en Carlos is begin oktober, amper twee maanden nadat het in Noorwegen uitkwam, het vierde breiboek verschenen 
in Nederland: Noors breien met Arne en Carlos. Na hun razend populaire boeken Kerstballen breien met Arne en Carlos, Arne en Carlos breien op hun paasbest
en Arne en Carlos breien de bloemetjes buiten keert het tweetal nu terug naar hun Noorse roots.

Voor de patronen in dit boek hebben ze zich laten inspireren door oude motieven uit het Setesdal, waar Arne is opgegroeid. Arne en Carlos geloven dat nieuwe ontwerpen in oude tradities verankerd moeten worden en dat ze met het creëren van iets nieuws bijdragen aan het behoud van oude tradities en culturele erfenissen.

Waar twee van hun andere boeken zich heel duidelijk op een bepaald type breiwerk richten, de poppen en de kerstballen, is Noors breien met Arne en Carlos
een boek met grote diversiteit. Er staan bijvoorbeeld truien in, maar ook een patroon voor een schattig beertje, een ketting, een theemuts, beenwarmers, onderzetters, handschoenen en zelfs tochtkussens. Bij elk patroon staat achtergrondinformatie over hoe Arne en Carlos op het idee zijn gekomen, de gebruikte merken, types en kleuren garen worden benoemd en er worden breitips gegeven. Arne en Carlos geven de moeilijkheidsgraad van het patroon goed aan, ze gaan er wel vanuit dat de basissteken bekend zijn, die worden namelijk niet uitgelegd. Er staan maar twee met foto’s geïllustreerde stappenplannen in, eentje voor het losjes afhalen van een steek,en eentje die uitlegt hoe je moet dubbelbreien. Dit maakt het geen boek voor echte beginners.

Zoals eerder gezegd zijn de gebruikte motieven allemaal gebaseerd op traditionele motieven uit het Setesdal. Ieder hoofdstuk is genoemd naar de oorsprong van de motieven. Zo is er een hoofdstuk dat Kerstkaarten heet. De patronen in dat hoofdstuk hebben allemaal een motief dat geïnspireerd is op het motief van een trui op een kerstkaart. Het hoofdstuk Weefsels bevat patronen met motieven die op traditionele wandkleden zijn gevonden. Daarnaast staat het boek staat vol met mooie foto’s van de Noorse natuur, hun eigen patronen naast bijvoorbeeld oude ansichtkaarten waar vergelijkbare motieven opstaan en foto’s van Arne en Carlos zelf, breiend natuurlijk!

Al met al is Noors breien met Arne en Carlos een leuke aanvulling op de eerder verschenen boeken, door de diversiteit en de traditionele motieven vind ik dit boek het leukste van de tot nu toe uitgebrachte boeken.

Naschrift: Noors breien met Arne en Carlos, Arne en Carlos, vertaling Perpetua Uiterwaal, Tirion Creatief, Utrecht, 2013.

Recensie: Noorse auteurs in Nederlandse vertaling 1741-2012. Een bibliografie – Raf de Saeger

Noorse auteurs in Nederlandse vertaling 1741-2012. Een bibliografie

Deze keer gaat het besproken boek over een connectie tussen Noorwegen en Nederland. Het is een bibliografie van boeken die vanuit het Noors in het Nederland vertaald zijn.

Noorse auteurs in Nederlandse vertaling is een interessant boek. Dat het voor uw recensente interessant is, ligt voor de hand; de opzet van het boek zorgt er echter voor dat iedereen die geïnteresseerd is in Noorwegen iets aan dit werk heeft. Dit wordt meteen duidelijk in de inleiding, die zowel in het Nederlands als in het Noors geschreven is. Raf De Saeger vertelt hoe het idee van dit boek ontstaan is, en hoe het uiteindelijke werk vorm heeft gekregen en is uitgegroeid van een simpel opschrijfboekje tot een ruim 300 pagina’s tellende bibliografie.

De Saeger heeft de keuze gemaakt om niet alleen literaire werken op te nemen in zijn overzicht, hij schenkt ook aandacht aan genres als kinderboeken, misdaadromans en vakliteratuur. Met zijn bibliografie wil hij verbanden leggen tussen Nederland en Noorwegen, het boek zelf (auteur en genre), de vertaler/vertaalster als een culturele ambassadeur en de tijdgeest waarin het boek vertaald is. Wat de bibliografie extra speciaal maakt, en ook meteen de passie van de auteur weergeeft, is dat er bij bepaalde vertalingen ook annotaties gegeven zijn, zoals een interessante anekdote, of een bijzonder verhaal over de auteur of het werk.

Het spreekt voor zich dat het geen boek is dat van voren naar achteren gelezen wordt. Desalniettemin is het een bijzonder boek waar u interessante en verrassende boeken in tegenkomt die u aan uw lees­lijst kunt toevoegen.

Naschrift: Noorse auteurs in Nederlandse vertaling 1741-2012. Een bibliografie, Raf De Saeger, Barkhuis, Groningen, 2013.

Recensie: Ik kan in het donker zien – Karin Fossum

Ik kan in het donker zien

Karin Fossum is bij het grote publiek bekend van haar boeken over inspecteur Konrad Sejer. Ik kan in het donker zien staat los van deze serie. Dit boek is een psychologische thriller, waarbij Fossum put uit haar eigen ruime ervaring met het werk in zorginstellingen.

Als lezer kruipen we in de huid van de veertigjarige eenzame verpleger Riktor die smacht naar sociaal contact en aandacht van vrouwen. Uit eenzaamheid koopt hij met drank de vriendschap van zwerver Arnfinn en denkt in hem eindelijk een vriend gevonden te hebben. Riktor komt er echter achter dat Arnfinn hem besteelt, en slaat hem dood.

Riktor werkt al elf jaar in verzorgingshuis Løkka. Zijn agressieve neigingen komen ook in zijn werk naar boven. Zo schept hij er een sadistisch genoegen in om medicijnen te verwisselen of patiënten te knijpen. Hij weet zelf eigenlijk niet zo goed waar dit gedrag vandaan komt; hij heeft geen slechte jeugd gehad of iets dergelijks. In de instelling rijst het vermoeden dat iemand de patiënten iets aandoet nadat een van hen wordt vermoord. Er worden camera’s geplaatst, Riktor wordt betrapt en verdacht van de moord (die hij overigens niet gepleegd heeft). In de gevangenis komt Riktor tot rust; hij sluit vriendschap met de kokkin en besluit na zijn vrijlating op het rechte pad te blijven. Of dat lukt staat centraal in de rest van het boek.

Ik kan in het donker zien is geschreven in de ik-persoon en dat maakt het boek even realistisch als moeilijk om er in te komen. Riktor is een verward, gestoord persoon en Fossums manier van schrijven, volledig vanuit Riktors brein, zorgt ervoor dat je getuige bent van al zijn hersenspinsels. Dit leidt ertoe dat je tijdens het lezen steeds heen en weer geslingerd wordt tussen begrip en afkeer voor Riktor als personage.

Fossum blijft in Ik kan in het donker zien dicht bij haar hoofdpersoon. Dit maakt het boek erg geloofwaardig en geeft het tevens een diepere laag: wat als dit soort praktijken echt voorkomt? Het boek leest meer als een psychoanalyse van een crimineel dan als een thriller. Voor liefhebbers daarvan is dit boek zeker een aanrader.

Naschrift: Ik kan in het donker zien van Karin Fossum, vertaald door Lucy Pijttersen, Manteau, Antwerpen, 2012. Karin Fossums eerste boek verscheen in 1995: Eva’s oog. Hiervoor ontving Fossum de prestigieuze Riverton-Prijs en de Glazen Sleutel voor de beste Scandinavische misdaadroman.